
Van Jef Kleijnen, wethouder van de gemeente Valkenburg aan de Geul, ontvingen we een ingezonden opiniestuk over het dualisme.
Dit werd in 2002 ingevoerd door de overheid om de taken tussen het college van B&W en de gemeenteraad in de Nederlandse gemeenten duidelijker te scheiden. Lees hieronder de opinie van Kleijnen:
“In 2002 werd door landelijke overheid het dualisme bij de gemeenten ingevoerd. Het dualisme moest de taken van het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad duidelijker scheiden. Het college moest efficiënter besturen en de raad moest op hoofdlijnen controleren. Het lokale bestuur moest vooral transparanter worden en dichter bij de burger komen te staan. De praktijk is echter heel anders uitgevallen. Er is geen sprake van een betere binding tussen burgers en lokale politici. Dat het dualisme is uitgemond in een bureaucratisch bestel mag echter geen reden zijn voor lokale volksvertegenwoordigers om hun taken te verwaarlozen. In elk systeem is het van belang dat eerst geluisterd wordt naar wat er speelt en dat daar vervolgens de politieke agenda op afgestemd wordt. Sinds de invoering van het dualisme maakt een wethouder niet langer deel uit van de gemeenteraad. De bedoeling hiervan was dat de wethouder hierdoor kritisch gevolgd zou worden, ook door zijn/haar eigen raadsfractie. Dit is in feite volledig mislukt. In de meeste gevallen is hier geen sprake van en worden door coalitiepartijen, als vanouds, de pijlen enkel gericht op de wethouders van andere partijen en in sommige gevallen leidt het zelfs tot een machtsconflict tussen wethouders en eigen fracties (fractievoorzitters).
Ik heb zowel als raadslid het monistische systeem en als raadslid/wethouder het dualistische systeem meegemaakt. Tussen de twee systemen ligt een verschil van dag en nacht. In het huidige dualistische systeem wordt er wat af vergaderd. Het abstractie niveau neemt ongekende vormen aan. Als raadslid vertoef je nu veel meer in het gemeentehuis (vergadercircus). Dit is dus niet het geschikte instrument om de burger meer bij de politiek te betrekken. De burger is er namelijk bij gebaat dat de raadsleden in de praktijk ervaren wat er speelt in de samenleving en dat zij dit niet kunnen vinden in de vele abstracte nota’s die op een gemeentehuis aanwezig zijn. In maart 2002 heeft het blad Binnenlands Bestuur de resultaten van een onderzoek gepubliceerd dat aangeeft dat 65% van de raadsleden vindt dat het dualisme mislukt is. Er wordt zoveel vergaderd dat er voor de problemen, waar burgers in feite mee zitten, weinig tot geen tijd overblijft. Het dualisme draagt er toe bij dat mensen in feite bedrogen worden, omdat in vele gevallen wethouders en raadsfracties een spelletje maken van wie het in feite voor het zeggen heeft onder de noemer: kijk eens hoe kritisch we naar elkaar zijn!!!
Als je dan ziet dat vanaf maart 2006 tot 2010 al zo’n 180 wethouders het bijltje erbij neergegooid hebben in dit land (1/3 van alle wethouders), dan moet je toch durven te concluderen dat het dualisme een gedrocht is, waar we zo snel mogelijk vanaf moeten. Dan krijgen de raadsleden ook weer alle tijd om zich onder het volk te mengen zodat het hele politieke reilen en zeilen weer een stuk laagdrempeliger wordt. En wat ook nog winst zou kunnen zijn is dat politieke partijen weer meer mensen kunnen motiveren om het werk van volksvertegenwoordiger (raadslid) te gaan willen uitoefenen.”









